Alle hyperventilatieklachten kunnen leiden tot een heel ander soort klachten, namelijk angst en paniek. Natuurlijk is iedereen wel eens bang. Angst is ook nodig om te waarschuwen wanneer er gevaar dreigt. Als mensen zonder dat daar aanleiding voor is last hebben van angsten, is er echter iets anders aan de hand. Deze mensen worden niet bedreigd, maar raken toch in paniek. Ze vertonen daarbij veel symptomen van hyperventilatie: trillen, zweten hartkloppingen etc. Mensen die dit vaak overkomt, lijden aan een paniekstoornis. Ze worden op de meest onverwachte momenten overvallen door de angst dood te gaan, gek te worden of de controle over zichzelf te verliezen.
Hyperventilatie en angst
Hyperventilatie zonder angst komt maar heel weinig voor. Zowel acute als chronische hyperventilatie maakt vaak angstig. Zo angstig dat er paniek kan ontstaan. De gedachte aan angst roept de angst ook weer op. Omgekeerd kan het ook zo zijn dat mensen beginnen met angstaanvallen en fobieën en als logisch gevolg daarvan gaan hyperventileren. Dit houdt vervolgens de angst of paniek langer in stand.
Angststoornissen
Mensen die op wat voor manier dan ook een onverwachte angstaanval hebben meegemaakt, gaan vaak vermijdingsgedrag vertonen omdat ze verschrikkelijk onzeker worden. De gedachte aan de verschrikkelijke ervaring veroorzaakt vermijdingsgedrag en dit vermijdingsgedrag zorgt op zijn beurt weer voor het ontstaan van een angststoornis. Er zijn verschillende soorten angststoornissen. Angststoornissen die vaak voorkomen bij hyperventilatie zijn: agorafobie, ziektevrees, angst om dood te gaan, angst voor controleverlies, angst om te gaan slapen, sociale angsten. Zie voor uitgebreide informatie onze brochures: ‘Angststoornissen’ en ‘Op weg naar een hypervrij leven’. Op de DVD ‘Op weg naar een beter leven, een leven zonder hyperventilatie’ wordt eveneens aandacht besteed aan angststoornissen.
